Historiek

Hoe komt Sint-Niklaas aan zo’n omvangrijke en heel verschillende museumcollecties, verspreid over drie sites in het stadscentrum? Een verhaal van gulle gevers, gedreven verzamelaars en een groot hart voor het eigen erfgoed.
Paragraphs

Eind 1907 koopt het stadsbestuur het herenhuis van wijlen Alfons Janssens, Zamanstraat 49, en richt daar vanaf 1911 het eerste stedelijke museum in. Het is een regionaal historisch museum over de geschiedenis van stad en streek. Het geeft onderdak aan de verzamelingen van de Koninklijke Oudheidkundige Kring van het Land van Waas, waaronder de Mercatorcollectie.

De schenking van tachtig schilderijen aan het stadsbestuur van Sint-Niklaas door de heer Louis Verstraeten in 1859 betekent voor de stad het begin van een bescheiden kunstcollectie. Vanaf 1904 worden deze kunstwerken opgehangen in diverse openbare gebouwen. In 1913 opent de stad hiervoor een nieuwe museumvleugel, palend aan het huis Janssens, onder de naam ‘Galerij van Schone Kunsten’. Het museum krijgt er dus een tweede werkterrein bij waarmee het de gemeenschap probeert aan te spreken nl. de kunst.
 
historiek musea
historiek musea
historiek musea
historiek musea

Tweede schenking

In 1958 ontvangt de stad de schenking Mevr. Marthe Mathys-Vanneste, bestaande uit 65 schilderijen, 35 stijlmeubelen en 115 objecten van toegepaste kunst. Het stadsbestuur bouwt in de tuin van het huis Janssens in de Zamanstraat een nieuwe museumruimte bij die wordt geopend onder de benaming ‘Galerij Mevr. Mathys-Vanneste’.

In het Mercatorjaar 1962 sluiten de Koninklijke Oudheidkundige Kring van het Land van Waas en het stadsbestuur een overeenkomst met het oog op de permanente tentoonstelling van de Mercatorverzameling in de zgn. Mercatorzaal. Die wordt ondergebracht in een aparte vleugel achter het bestaande gebouw in de Zamanstraat.

Zwijgershoek

Het stadsbestuur koopt in 1971 het voormalige fabriekscomplex met kantoren van de weverij Peeters-Van Haute-Duyver, gelegen aan Zwijgershoek/Regentiestraat. Op 15 maart 1975 wordt hier het Internationaal Exlibriscentrum geopend. De basis wordt gelegd door de aankoop van de exlibriscollectie van de Nederlandse verzamelaar Jan Rhebergen. 

de Salons

Het stadsbestuur koopt in 1984 het huis Meert met achterliggende tuin en koetshuis, gelegen aan de Stationsstraat 85, om dit merkwaardig architecturaal geheel in het stadscentrum te beschermen. Vanaf 1 oktober 1988 wordt hier onder de benaming ‘Salons voor Schone Kunsten’ een selectie uit het stedelijk kunstpatrimonium getoond.

In februari 1985 beslist het stadsbestuur tot de aankoop van de collectie Barbierama, tot dan eigendom van de privé verzamelaar Raymond Resmann. Deze uitgebreide collectie, die de geschiedenis van het kappersberoep en van de haar- en lichaamsverzorging illustreert, wordt permanent tentoongesteld in een ruimte naast het Exlibriscentrum.

Boudelocollectie

Ook de Boudelocollectie vindt onderdak in hetzelfde museumgebouw. In 1981 werd tussen het Verbond voor Oudheidkundig Bodemonderzoek in Oost-Vlaanderen (VOBOV), dat voor de opgravingen van de resten van de Boudelo-abdij in Klein-Sinaai instond, en het stadsbestuur, een overeenkomst gesloten. Daardoor wordt het stadsbestuur mede-eigenaar en verbindt het zich tot het permanent tentoonstellen van de verzameling. Aanvankelijk waren de Boudelovondsten te zien op de tweede verdieping van het museum aan de Zamanstraat, tot daar op 25 mei 1988 een brand uitbreekt. Een nieuwe Boudelozaal wordt ingericht in het museum aan Zwijgershoek en daar voor het publiek geopend in juni 1991.

Breigoedmuseum

In 1991 neemt het stadsbestuur het initiatief voor de oprichting van een v.z.w. Breigoedmuseum die als opdracht krijgt het verleden van de stad als centrum van breinijverheid te illustreren door het verzamelen van machines, documentatie en getuigenissen. De v.z.w. krijgt de eerste verdieping in het fabriekscomplex aan Zwijgershoek toegewezen om haar verzameling onder te brengen en bezoekers te ontvangen.

Mercatormuseum

Naar aanleiding van het Mercatorjaar in 1994 beslist het stadsbestuur om het museum te renoveren en de Mercatorcollectie in een vernieuwde en educatief aangepaste vormgeving te tonen, aangevuld met een overzicht van de geschiedenis van de cartografie. Het Mercatormuseum wordt plechtig heropend op 26 maart 1994. In samenwerking met het Nationaal Geografisch Instituut wordt een afdeling ‘moderne cartografie’ uitgebouwd, die opent op 17 januari 1996.

In zitting van 25 februari 2005 stelt de gemeenteraad het definitief ontwerp vast voor de renovatie van het museumcomplex aan Zwijgershoek. De bestaande collecties archeologie en Boudelo, Barbierama en Breimuseum, aangevuld met bruiklenen van andere erfgoedpartners, worden geïntegreerd in een nieuw museumconcept met drie verhaallijnen. Onder de naam ‘SteM Zwijgershoek’ gaat het museum op 22 november 2008 opnieuw open voor het publiek.

In de periode 2012-2015 wordt de permanente opstelling in het Mercatormuseum en de Salons inhoudelijk vernieuwd.

De musea krijgen in 2019 een nieuw logo en een nieuwe website. De overkoepelende naam ‘SteM Sint-Niklaas’ omvat volgende sites:

  • Mercatormuseum, Zamanstraat 49
  • SteM Zwijgershoek, Zwijgershoek 14
  • Salons, Stationsstraat 85.
bikebuscarcoffeehangerticketwalkexhibitioncalender